Posts tonen met het label Diafragma. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Diafragma. Alle posts tonen

27 maart 2026

Flitsen bij zonnig weer

Meestal gebruik je een flitser als er niet genoeg licht is. Andere redenen om een flitser te gebruiken zijn: om beweging te fixeren of om het contrast tussen licht en donker beter onder controle te hebben. Over het laatste gaat dit verhaaltje. 

Bij felle zon is het verschil tussen belichting van objecten in de zon of in de schaduw heel groot. Gevolg is dat op een foto objecten in de schaduw nauwelijks zichtbaar zijn en dat schaduwen bijna zwart lijken. Bij het fotograferen in Peru op grote hoogte en een staalblauwe hemel had ik daar last van (zie dit verhaaltje). In Nederland gebeurt dat natuurlijk ook bij een onbewolkte hemel (komt minder voor). Tijdens het bewerken van de foto’s kun je daar wel wat aan doen door de Hoge Lichten wat dempen en de Diepe Schaduwen wat op te krikken. Het nadeel is dat de foto daardoor wat vlakker wordt. Een flitser kan de oplossing bieden voor objecten in de schaduw.

Bij felle zon zijn schaduwen heel donker

Het idee is als volgt. De felle zon is zo dominant dat de camera de belichting van de sensor sterk verminderd (bij diafragma-voorkeur gebeurt dat door een kortere sluitertijd te kiezen). Gevolg is dat de schaduwen nog donkerder worden. Het licht van de zon noemen we omgevingslicht. Het licht van de flitser noemen we flitslicht. De uitdaging is het omgevingslicht en het flitslicht op een mooie manier te mengen. Dit doen we door het diafragma en de sluitertijd te veranderen. 

Om te begrijpen hoe we dat moeten doen, moeten we de eigenschappen van het omgevings- en flitslicht begrijpen. Het omgevingslicht is er continu en het flitslicht is er maar heel even. Door de sluitertijd te veranderen, veranderen we niks aan de hoeveelheid licht van de flitser op de sensor omdat de flits extreem kort is. Wel aan de hoeveelheid licht van de omgeving op de sensor. Door het diafragma aan te passen bepalen we hoeveel omgevings- én flitslicht samen op de sensor valt. 

Dus, door de sluitertijd te verhogen geven we voorkeur aan het omgevingslicht. Door de lens open te zetten (lager diafragma-getal) geven we voorkeur aan het flitslicht. Kort gezegd, met de sluitertijd regel je het omgevingslicht en met het diafragma het flitslicht

De richting van het licht, omgeving of flits, is ook belangrijk  

   

Links met flitser op de camera, rechts met externe flitser rechts van de camera (ongeveer zelfde richting als de zon, echter veel lager en zodanig dat een groter deel van het gezicht belicht wordt). Links is wel goed belicht, echter, de structuur van het gezicht is verloren gegaan. Rechts zie je meer diepte in het gezicht.

Het is nu aan de fotograaf om te bepalen wat een mooie mengeling is van de twee lichten. Experimenteer er eens mee en zie hoeveel controle je over het licht hebt. 

Als je meer wilt weten over flitsen lees dan ook dit verhaaltje.

De foto's zijn van het gezicht van een beeld van het Duivelshuis in Arnhem.

Duivelshuis in Arnhem 


19 december 2025

Kaarslicht in Gouda

Door toeval waren we een paar dagen in Gouda tijdens de kerstviering Gouda bij Kaarslicht. Het is een lichtfeest waarmee in 1956 is begonnen. Vanuit de zusterstad in Noorwegen komt er een grote kerstboom die tijdens een ceremonie ontstoken wordt. Net als veel steden is ook Gouda vlak voor Kerstmis feestelijk versierd met lampjes. Speciaal voor Gouda is dat alle winkels ook kaarslicht hebben. 

Omdat ik niet met een zware lens door de drukte wilde lopen, had ik voor mijn 28mm lens gekozen. Het voordeel is dat deze lens licht, qua gewicht, is en ook heel lichtgevoelig (f/2.8); reuze handig tijdens schemering. 

Reeds op de Lange Tiendenweg, een gezellige winkelstraat, zie je in de verte de toren van de St Janskerk. 

Lange Tiendenweg

Op de markt zie je het fraaie Gotische stadhuis en de nog niet verlichte kerstboom. Het was heel druk en het is een geliefd object, dus een aantal foto's moeten maken tot dat het eindelijk een beetje rustig werd.

Markt

Binnenin de St Janskerk is er een kerstmarkt met heel veel kraampjes. Ik had gehoopt een foto van het orgel te kunnen maken maar door een stellage voor audiovisuele apparatuur lukte dat niet. Volgende keer keer beter. 

Kerstmarkt in St Janskerk

Zelf vind ik het straatje Achter de kerk een heel mooi stukje Gouda, je waant je in de Middeleeuwen. Hieronder de zijkant van de kerk met verlichte glas-in-loodramen. De foto is genomen vanuit een stadstuin aan de achterkant van het Museum Gouda. In het album (zie link onderaan) nog meer foto's van de stadstuin. 

Achter de kerk

Door lopend kom je bij wat vroeger het Weeshuis van Gouda was, tegenwoordig zit er een restaurant in. Ook hier een mooi binnenplaatsje waar een koor stond te zingen. Heel sfeervol. 

Vroegere weeshuis van Gouda

Na een diner bij New Tandoor weer terug naar de markt. Het was er geweldig druk. Het viel niet mee om nog behoorlijke foto's te maken. Kwam natuurlijk ook omdat het bijna donker was. En na een veel te lange ceremonie ging de boom eindelijk aan.

 
Verlichte kerstboom 

Alle foto’s heb ik met de Nikon Z5 en 28mm lens genomen, behalve de laatste foto. Die is met een iPhone 16 Pro genomen. De instellingen op de Nikon camera waren: M (handmatig), sluitertijd variërend van 1/60s tot 1/125s en diafragma variërend van f/8 - f/2.8. Naarmate het donkerder werd liep de ISO behoorlijk op (12800 binnenin de kerk en toen het buiten donker was). 

Bij het bewerken merkte ik dat de foto’s behoorlijk donker waren. Met Luminar Neo heb ik er toch mooie foto’s van gemaakt. Een zestal daarvan zijn al geaccepteerd door Dreamstime. Hier is het album met alle foto's die ik die dag in Gouda gemaakt heb.


06 juli 2024

Fotograferen tegen de zon in

Toen ik jong was en voor het eerst een foto mocht maken met de camera van mijn vader kreeg ik te horen dat ik de zon in de rug moest hebben. Zonder precies te weten waarom, deed ik dat gewoon. Pas veel later begreep ik de reden waarom. Er komt zoveel licht de camera binnen dat het onderwerp onderbelicht wordt. Tegenwoordig kun je meteen op het schermpje zien of een foto gelukt is voor wat je in gedachte had. In het analoge tijdperk duurde het altijd een paar dagen voordat het fotorolletje ontwikkeld en afgedrukt was. Voor een beginnend fotograaf geen goede omgeving om te experimenteren.

Tegen de zon in fotograferen geeft echter juist mooie, creatieve foto’s. Dus zeker de moeite waard om te proberen. Zelf vind ik het mooist aan zee omdat je ook de reflectie van het zonlicht op de zee hebt. Bij veel licht moet je voorkomen dat de foto overbelicht wordt. Dus een klein diafragma en een korte sluitertijd zorgen ervoor dat er weinig licht op de sensor komt. Ook tijdens het bewerken van de foto kun je nog wat doen aan de hooglichten en aan de schaduwen. 

Reflectie zonlicht op de zee, f/18, 1/1000s

Bij deze foto waren we natuurlijk veel te vroeg voor de zonsondergang (19:17 uur), dus een diafragma van f/18 en een sluitertijd van 1/1000s zorgden ervoor dat de overbelichting binnen redelijke grenzen bleef. De ISO-waarde liep al een beetje op (180). Bij de bewerking met Luminar Neo heb ik de hooglichten op het water een heel klein beetje verminderd, maar niet helemaal, anders verdwijnt het sprankelende van de foto. De schaduwen aan het einde van de pier heb ik wat lichter gemaakt. Ook de lucht heb ik wat lichter gemaakt. Door de overbelichting was hij juist wat donkerder geworden. 

Halo rondom de zon

De laatste avond van onze vakantie zat er voldoende nevel in de lucht zodat ik met mijn iPhone ook de zon op de foto kon zetten. De iPhone heeft weinig instellingen, echter, wel software die er een mooie foto van kan maken. Samen met de uitgestrektheid van de zee geeft dat een dromerige foto waardoor je het gevoel krijgt dat je helemaal alleen van de indrukwekkende natuur zit te genieten. Het heeft een beetje een Japanse uitstraling.

Je ziet dat tegen de zon in fotograferen twee totaal verschillende foto’s oplevert. Dus vergeet de regel dat je altijd de zon in de rug moet houden en maak creatieve foto’s.

22 juni 2024

Jasmijn en scherptediepte

We hebben op het terras in de tuin een aantal kuipplanten staan. Sommige planten hebben we gekozen vanwege hun mooie bloemen of blad, andere vanwege hun geur. Ondanks dat het in het voor- en najaar best een hele klus is om de planten van de garage naar de tuin te verplaatsen en omgekeerd, blijft het genieten. 

Jasmijn f/13, 1/125s, ISO 450

Sommige kuipplanten kun je, als ze bloemen hebben, de hele dag door ruiken (bijv, citroen en jasmijn), echter de nachtjasmijn (Galan de Noche) ruik je pas goed bij toegenomen vochtigheid als het donker is.

Nachtjasmijn , f/29, 1/60s, ISO 100, met ringflitser

Mijn gewone jasmijn heb ik al heel lang. Een heel trouwe plant. Ondanks dat ik hem in de winter, wanneer hij in de garage staat, weleens verwaarloos en hij veel bladeren verliest, komt hij ieder jaar weer met veel mooie bloemen terug. 

Jasmijn, f/16, 1/125s, ISO 2000

Alle foto’s heb ik met een macrolens genomen (Nikon AF-S 105mm f/2.8G VR Micro). Heb ik ooit tweedehands in een fotozaak gekocht. Ben heel tevreden over de kwaliteit van de foto’s. 

Macrofotograferen is echter een uitdaging gezien de kleine scherptediepte. Tegenwoordig, na mijn hersenbloeding, is het voor mij wat moeilijker om de camera helemaal stil te houden, daarom probeer ik met een grotere scherptediepte te werken door de lens wat dicht te draaien (f/13 of kleiner) én door de afstand wat te vergroten. Bijvoorbeeld, bij f/13 en een afstand van 40cm is de scherptediepte 0,8cm en bij een afstand van 80cm is de scherptediepte 3,9cm. Dat geeft mij wat meer mogelijkheden om de bloem goed scherp te nemen. 

Een nadeel van wat grotere afstand is dat de bloem wat kleiner op de foto staat, dus dan moet ik de foto wat croppen (een kleiner deel van de foto gebruiken). Met de huidige grootte van de sensoren is dat geen probleem. Een ander nadeel van een grote scherptediepte (klein diafragma) is dat de achtergrond ook scherper wordt. Als de achtergrond de bloembladeren zijn is dat geen probleem. Als het de rommel in je tuin is dan moet je een groter diafragma kiezen.

Knop jasmijn, f/4, 1/400s, ISO 100

Het voordeel van een groot diafragma (kleinere scherptediepte) is dat je alleen de essentie van de bloem scherp hebt en de rest niet. Je oog gaat dan meteen naar het scherpe deel van de foto. De foto’s zijn artistieker. Dat vind ik zelf mooier. 

Andere instellingen: voor het fotograferen van bloemen gebruik ik Diafragmavoorkeur (A), van insecten gebruik ik Handmatig (M) zodat ik met een veel kortere sluitertijd kan werken. In beide gevallen staat de ISO op automatisch zodat de foto’s niet onderbelicht worden.

Als je een macrolens te duur vindt, begin dan met een telelens. Dan kun je kijken of het fotograferen van bloemen of insecten wat voor jou is. Na een opstartfase ben ik het erg leuk gaan vinden.

Inmiddels heb ik veel macrofoto’s van bloemen en insecten gemaakt. Kijk er eens naar om inspiratie op te doen. 

15 juni 2024

Boek over Insectenfotografie

Via een vriend kreeg ik de aankondiging van een nieuw boek over het fotograferen van insecten doorgestuurd. Tot mijn verrassing bleek het van een oud-collega te zijn: My Journey into Insect Photography door Mark Overmars. Per hoofdstuk beschrijft hij een aspect van het fotograferen van insecten: waar kun je de insecten vinden, welke camera en lens, hoe de foto’s te bewerken etc. Het fotograferen van insecten heeft veel parallellen met macrofotografie van bloemen, maar is ook moeilijker omdat ze klein zijn en bewegen. Zijn “reis” was voor mij in veel opzichten heel herkenbaar. Veel dingen wist ik wel, al heeft hij zaken veel beter uitgezocht en inzichtelijker gemaakt. Het is een plezier om zijn boek te lezen. Ik raad het jullie aan.

Diafragmavoorkeur, 105mm, f/20, 1/125sec, ISO 2500

Door zijn inspirerende kijk op het fotograferen van insecten ben ik gaan kijken naar de foto’s van insecten die ik vóór mijn hersenbloeding had gemaakt. Met mijn nieuwe camera ben ik er om verschillende redenen nog niet aan toe gekomen. Dat was toen met een Nikon D800 met de 105mm macrolens van Nikon en geen flitser. Door dit verhaaltje heen staan wat foto’s met informatie over de camera-instellingen.

Diafragmavoorkeur, 300mm, f/14, 1/320sec, ISO 1000

Nog even los van het vinden van insecten zijn er best wat uitdagingen. Eigenlijk gaat het om het vinden van de juiste compromis. Idealiter wil je het insect beeldvullend en volledig scherp fotograferen. Beeldvullend betekent bij een 1:1 vergroting van de macrolens dat je er dicht op moet zitten. Om in dat geval nog wat scherptediepte te hebben moet je je lens bijna helemaal dichtdraaien. Gevolg is dat je in de bosjes in het donker zit (of een heel hoge ISO-waarde hebt).

Diafragmavoorkeur, 105mm, f/6.3, 1/125sec, ISO 400

Hoe lossen we dat op? Allereerst door wat afstand te nemen, daarmee krijg je gratis wat meer scherptediepte. Een ander voordeel is dat je het insect niet stoort. Door ook een flitser te gebruiken krijg je bij diafragma f/13 (suggestie van Mark) voldoende licht en wordt de beweging van het insect bevroren. Bij f/13 voor een 105mm lens op een afstand van 75cm heb je een scherptediepte van 3,4cm (berekend met app genaamd Simple DoF). Als dat niet genoeg is kun je de foto vanaf 1m nemen dan heb je een scherptediepte van 6,3cm. Je moet wel rekening houden met het feit dat 1/3 deel van de scherptediepte voor het scherpstelpunt ligt en 2/3 deel er achter. 

Diafragmavoorkeur, 105mm, f/10, 1/125sec, ISO 1000

Door meer afstand te nemen staat het insect kleiner op de foto. Door te croppen (een klein stuk van de foto te kiezen en de rest weg te gooien) krijg je het insect weer beeldvullend. Met het huidig aantal megapixels is dat best te doen. De Nikon D800 heeft 36,3 megapixels.

Handmatig, 105mm, f/9, 1/1000sec, ISO 5000

Reflecterend om mijn foto’s. Alle foto’s zijn met de hand genomen met mijn macrolens (op één na). Allemaail heb ik gecropped en dat is met 36,3 megapixels geen probleem. Autofocus werkt heel goed (eerlijkheidshalve laat ik alleen de foto’s zien die gelukt zijn). Foto’s met de kop naar de camera zijn het interessantst. Bij vliegende insecten moet je een heel korte sluitertijd gebruiken. Tot slot, een wat hogere ISO-waarde is voor een internet-foto geen probleem. 

Geïnspireerd door Mark ga ik nu experimenteren met mijn nieuwe Nikon Z5 met dezelfde 105mm macrolens van Nikon en een ringflitser van Nissin. Een mooi onderwerp voor een komend verhaaltje.

13 januari 2024

Flitsen is niet moeilijk

Meestal maak ik foto’s bij natuurlijk licht. Met een flitser werken vond ik heel moeilijk totdat ik het boek The Hot Shoe Diaries:Big Lights From Small Flashes door Joe McNally had gelezen. Waarschuwing: het kost best wat moeite om door zijn “slang” heen te komen, echter, hij geeft veel inzicht in hoe je met een kleine flitser licht in de duisternis kan creëren. Nando Harmsen is misschien wat toegankelijker: Hoe een flitser werkt en Technieken bij het flitsen.

Camera en flitser zijn slim

Als je de flitser op de camera zet dan staat de flitser waarschijnlijk al op DDL (Door De Lens, in het Engels: TTL). Dat betekent dat de camera door de lens kijkt hoeveel licht hij van de de flitser nodig heeft. Voor gewoon gebruik van de flitser is dat voldoende  

Lichtbron vergroten

Om te beginnen moet je je realiseren dat zo’n kleine flitser direct gericht op je onderwerp heel scherpe schaduwen geeft. Ook beslist de camera om minder flitslicht af te geven. Je onderwerp is namelijk al belicht.

Direct flitsen, sluitertijd 1/60sec

Om die schaduwen wat zachter te maken en wat meer flitslicht te krijgen moet je je lichtbron vergroten. Er zijn verschillende manieren om dat te doen. De eerste is je onderwerp indirect te belichten door de flitser te richten op het plafond of een muur. Het plafond is de nieuwe lichtbron en omdat deze veel groter is worden de schaduwen zachter. Het enig nadeel van het plafond gebruiken is dat het licht van boven op het onderwerp valt. Als dat een persoon is dan zijn de oogholte donker vergeleken bij de rest van het gezicht. Daarom is het vaak beter om indirect te flitsen via een muur.  

Flitsen via plafond, sluitertijd 1/60sec

Een tweede manier om de lichtbron te vergroten wordt gebruikt voor flitsers op een statief, dus niet op de camera. Je plaatst de flitser in een softbox of laat hem schijnen in of door een paraplu. Ook in dit geval is de lichtbron groter en zijn de schaduwen zachter.

Diafragma en sluitertijd

Meestal zet ik de camera in de M-stand zodat ik zowel het diafragma als de sluitertijd kan instellen. Met het diafragma bepaal ik de gewenste scherptediepte en de hoeveelheid licht dat op de sensor valt. De flitser en de camera bepalen de belichting van het onderwerp. De flitstijd is veel korter dan de sluitertijd, dus de flits fixeert het onderwerp. Dus de sluitertijd doet er niet toe om bewegingsonscherpte te vermijden, dat doet het flitslicht. Met een langere sluitertijd kunnen we wel de achtergrond wat minder donker maken. 

Direct flitsen, sluitertijd 1sec

Eerste of tweede gordijn

Als je voor een wat langere sluitertijd kiest en je onderwerp beweegt behoorlijk dan ga je dat wel zien. Het is trouwens best leuk om de beweging van bijvoorbeeld een persoon zichtbaar te maken (de beweging is onscherp door de lange sluitertijd) en de persoon is wat scherper door de korte flits. Je kunt kiezen om de flits aan het begin (eerste gordijn) of aan het eind (tweede gordijn) te hebben. Je kunt dat in de camera instellen.

Eerst gordijn: beweging na flits
geeft een verwarrend beeld

Het mooiste is om de onscherpe beweging naar het wat scherpere beeld van de persoon te laten gaan. Dat betekent dat de flits aan het eind moet komen, oftewel het tweede gordijn.

Tweede gordijn: beweging voor de flits
geeft een normaler beeld

Portretfotografie

Nadat ik een beetje door had dat met een flitser werken best leuk was, ben ik met meerdere flitsers gaan werken. Heb toen een paar jaar met veel plezier portretfotografie gedaan.

Tot slot

Ik hoop dat ik jullie een beetje enthousiast gekregen heb voor het gebruiken van een flitser. Het is echt niet moeilijk. Veel succes!

Zie ook peter.apers.nl


02 december 2023

Fotoreportage van orgelconcert

De Stichting Orgelconcerten Hengelo organiseert concerten rondom de orgels in Hengelo, m.n. in de Lambertusbasiliek en de Kristalkerk. Via vrienden ben ik een paar keer naar een orgelconcert in de Lambertus geweest. Ondanks dat ik niet zo muzikaal ben geniet ik er enorm van.

Een orgel in een kerk geeft zo’n kerk een ziel. Als ik naar een kerk ga kijk ik altijd naar twee dingen: het altaar en het orgel. Soms krijg ik de indruk dat de kerk rondom het orgel gebouwd is. Mijn promotor reisde de hele wereld af om orgels te bezichtigen en, als dat mocht, te bespelen. Toen ik zijn promovendus was begreep ik zijn enthousiasme niet zo goed, nu begin ik het te begrijpen. Het luisteren naar klassieke orgelmuziek roept bij mij nostalgische gevoelens op.

Orgel Kristalkerk in Hengelo

Deze keer gingen we naar het orgel- en pianoconcert van Susanna Veerman en Wim Does in de Kristalkerk, te Hengelo. Ik ging er wat eerder naar toe omdat mij gevraagd was foto’s te maken. Enorm genoten van het concert! 

Tegelijkertijd was het maken van foto’s nog best een uitdaging voor mij. De ruimte lijkt licht maar is het niet echt.  Ik had mijn Nikon Z 24-200mm meegenomen, die geeft grote flexibiliteit zonder lenzen te hoeven wisselen. Hij is niet heel lichtgevoelig: f/4.0-6.3: f/4.0 bij het groothoek-deel van de lens en f/6.3 bij het telelens-deel. Lichtgevoelige lenzen hebben vaak meer glas en zijn daardoor een stuk zwaarder, en duurder. Ik heb bewust gekozen voor flexibiliteit en licht gewicht.

Toen ik een paar testfoto’s maakte merkte ik al meteen dat ik het voor de hand liggende diafragma van f/8 niet kon gebruiken. De camera zat al op de langste sluitertijd zonder statief (1/60sec) en de ISO liep al behoorlijk op. De combinatie van de minder lichtgevoelige lens en de wat minder goed verlichte ruimte geeft wat uitdagingen. Het is goed om, voor verder te lezen, weer even de kennis van de relatie tussen diafragma, sluitertijd en ISO wat op te frissen. 

24mm, f/5.6, 1/60sec, ISO 10000

Bij het uitzoomen (groothoeklens) heeft deze zoomlens een maximaal diafragma van f/4.0 zodat er voldoende licht is om de ISO relatief laag te houden. Ook heeft een groothoeklens meer scherptediepte dan een telelens. Toch moest ik bij onderstaande foto, waarop de twee musici ver uit elkaar zitten,  een diafragma van  f/6.3 gebruiken om beiden in focus te hebben. Daardoor loopt de ISO wat op. Echter een ISO van 5600 is niet veel in vergelijking met de maximale ISO van 102400 (al heb je dan wel last van ruis).

39mm, f/6.3, 1/60sec, ISO 5600

Bij het inzoomen (telelens) wordt het maximale diafragma verkleind naar f/6.3. Gezien het beperkte licht in de ruimte betekent dat de ISO omhoog gaat omdat de sluitertijd al op 1/60sec staat. Toen ze quatre-mains op het orgel speelden zoomde ik in op hun bovenlichaam en probeerde hun beider gezichten scherp te krijgen. Omdat je bij een orgel alleen van de zijkant kunt fotograferen heb je een grote scherptediepte nodig om de afstand tussen hun gezichten te overbruggen. Bij het verkleinen van het diafragma liep ik tegen een door mijzelf ingestelde maximale ISO aan (12800) en verhoogde de camera de sluitertijd. Dat werkte dus niet, dus ik moest genoegen nemen met diafragma f/6.3 en een sluitertijd van 1/50sec. En nog kun je zien dat zijn gezicht iets minder scherp is dan die van haar. Misschien had ik de foto van een grotere afstand moeten nemen in combinatie met een hogere ISO.

105mm, f/6.3, 1/50sec, ISO 12800

Zoals ik al zei, ik heb enorm van het orgel- en pianoconcert genoten al moet ik eerlijkheidshalve zeggen dat het fotograferen mij een beetje afleiden van de muziek. Na een glaasje fris met vrienden ging ik met een voldaan gevoel met mijn scootmobiel naar huis. De volgende ochtend snel de foto’s bewerkt. Ondanks de wat hogere ISO-waarden zagen de foto’s er goed uit. In verband met de spotjes en de verlichting bij het orgel heb ik de hoge lichten er uitgehaald. Ook de kleding was te donker, dus heb ik die lichter gemaakt. Tot slot, de foto iets scherper gemaakt voor de plaatsing op internet. Al met al een heel goed gevoel overgehouden aan deze fotoreportage.

Hier een selectie van de foto's die ik gemaakt heb.

Een paar foto’s staan nu op de website van de Stichting Orgelconcerten Hengelo  

PS Ik heb mijn Nikon Z5 nog niet zo lang. Tijdens de fotoreportage werd ik door wat meldingen van de camera verrast. Heb dus nog wat huiswerk te doen!

Zie ook peter.apers.nl

11 november 2023

Uitdagingen bij macrofotografie

Mijn enthousiasme voor macrofotografie heeft even geduurd voor dat die er echt was. Bij een gelegenheid had ik een tweedehands macrolens gekocht. Na een paar foto’s is hij in de kast verdwenen. Je moet best moeite doen om mooie foto’s te krijgen. Pas toen Corona uitbrak en mijn wereld zich beperkte tot mijn tuin met mooie bloemen, heb ik macrofotografie herontdekt.

Voor macrofotografie zijn er aparte lenzen. Meestal hebben die de aanduiding Macro, behalve bij Nikon is dat Micro. De essentie is dat de ratio van een macrolens 1:1 is, oftewel, 1mm in de werkelijkheid is ook 1mm op de sensor. Bij een normale lens vindt er een behoorlijke verkleining plaats. Met de macrolens is het makkelijker om een sensor-vullende foto van iets kleins, zoals een bloem of een insect te maken. 

Je zult zeggen leuk! Echter, er zijn wat uitdagingen. Op de eerste plaats de scherptediepte. Bijvoorbeeld, bij mijn macrolens van 105mm heb je bij f/3.2 voor een bloem op 25cm afstand een scherptediepte van 1mm. De vraag is dan welk deel van de bloem je scherp wilt hebben. Je kunt de scherptediepte natuurlijk vergroten door het diafragma te verkleinen. Het gevolg hiervan is dat er minder licht op de sensor valt. Dit kan gecompenseerd worden door een langere sluitertijd en/of een verhoogde ISO-waarde. De langere sluitertijd vang je op met een statief of door te flitsen. De scherptediepte wordt ook groter als je wat meer afstand neemt. Houd er wel rekening mee dat bij een grotere scherptediepte details van de achtergrond zichtbaarder worden en storend kunnen zijn. Zelf vind ik een kleine scherptediepte mooi omdat je precies kunt laten zien waar het om gaat.

Diafragma f/4.8

En dan komen we bij de tweede uitdaging: de compositie. Je zult merken dat als je naar een foto kijkt die voor het grootste deel wazig is, dat de ogen vanzelf de delen zoeken die in focus zijn, dus scherp zijn. De vraag die je jezelf kunt stellen of de scherpe delen op de gewenste plek staan vanuit het oogpunt van compositie. Denk aan de Regel van Derden, Leidende lijnen (horizontaal, verticaal, diagonaal of krommend), Symmetrie etc. Zelf let ik er altijd op dat je ogen niet door storende elementen van de foto afdwalen. Het mooist is als de ogen een route over de foto maken en wellicht delen van de foto opnieuw bezoeken voor nadere inspectie.

Zoals ik al zei, sinds de Coronatijd ben ik me in de tuin meer en meer gaan verdiepen in macrofotografie en het enthousiasme dat ik er voor heb is nog lang niet verdwenen, al moet ik wel zeggen dat de compositie voor mij wel een uitdaging blijft.

Ogen lopen in rondjes langs de knoppen

Hier wat macrofoto’s van het begin van de coronatijd. De foto’s die ik op dit moment maak staan hoofdzakelijk op Instagram

Zie ook peter.apers.nl

14 oktober 2023

Wat is het voordeel als ik zelf mijn camera instel?

In de post over de belichtingsdriehoek heb ik de samenhang van diafragma, sluitertijd en ISO-waarde besproken en nu is de vraag “wat kun je er mee?”.

Tijd-voorkeur

In de AUTO-stand laten we de instellingen volledig over aan de camera. Waarom willen we wat meer controle hebben? De camera weet bijvoorbeeld niet dat we een snel bewegend insect willen fotograferen. Bij de AUTO-stand is de kans groot dat we alleen maar een wazige vlek op de foto zien. Door de camera op Tijd-voorkeur (S, T of Tv) te zetten kunnen we zelf de sluitertijd bepalen, zeg 1/1000ste van een seconde. Afhankelijk hoe snel het insect beweegt of hoe dichtbij hij is moet je de sluitertijd aanpassen om het insect te “bevriezen”. Om dus bij de verkorting van de sluitertijd dezelfde belichting te krijgen kiest mijn camera (Nikon Z5) ervoor om het diafragma te vergroten. 

105mm, f/8, 1/640s, ISO 1250

Let op: de camera gaat bij het aanpassen niet verder dan het grootste diafragma, daarna wordt de ISO-waarde verhoogd. Omgekeerd, als je de sluitertijd verlengt dan wordt het diafragma verkleind, maar nooit lager dan de kleinste diafragma. Dan stopt de camera met compenseren. 

Diafragma-voorkeur

We kunnen er ook voor kiezen om met Diafragma-voorkeur (A of Av) te werken. We hebben dan controle over de scherptediepte, oftewel, welk gebied voor en achter het focuspunt scherp is. Bij landschapsfoto’s wil je dat gebied wat groter hebben en bij macrofoto’s juist klein. Als fotograaf bepaal je dat zelf. In dit geval past de camera de sluitertijd aan. Ik heb er voor gekozen dat mijn camera niet langer dan 1/60ste van een seconde kiest. Dan wordt het namelijk moeilijker om foto’s uit de hand te schieten. In dat geval wordt de ISO-waarde verhoogd.

105mm, f/5, 1/60s, ISO 250


Handmatig

Dan zijn er nog de M en P stand. Daarmee kun je alle drie (diafragma, sluitertijd en ISO) aanpassen. Dat geeft je bijvoorbeeld ook nog de mogelijkheid om onder of over te belichten

Zelf werk ik bijna altijd met Diafragma-voorkeur. Ik raad je aan daar ook eens mee te experimenteren. Speel eens wat met scherptediepte, met al dan niet bevriezen van beweging of met een beetje onder- of overbelichten. En het mooiste is als het bijdraagt aan je compositie. Dat geeft veel plezier. 

23 september 2023

Belichtingsdriehoek uitleggen met communicerende vaten

Veel beginnende fotografen worden afgeschrikt door de ingewikkelde instellingen van hun camera. Gevolg is dat de camera altijd op AUTO staat en dat er veel mooie foto’s gemist worden. Jammer! Maar daar is wat aan te doen.

De belichting van de beeldsensor wordt door drie zaken bepaald: 

  • Diafragma (de hoeveelheid licht dat door de lens op de beeldsensor valt)
  • Sluitertijd (hoe lang de beeldsensor belicht wordt)
  • ISO-waarde (de gevoeligheid van de beeldsensor voor licht)

Deze drie hangen nauw met elkaar samen. Die samenhang wordt vaak als driehoek getekend: de belichtingsdriehoek. Ondanks dat ik de samenhang goed begrijp, vind ik de uitleg met de driehoek niet voor de hand liggen. Hieronder mijn uitleg gebaseerd op communicerende vaten.

Wat je ziet zijn drie vaten gevuld met water die met elkaar verbonden zijn d.m.v. een buis. Een vat staat voor Diafragma, een ander voor Sluitertijd en de laatste voor ISO. Aan de bovenkant van elk vat zit een zuigertje dat je op en neer kunt bewegen. Als je een zuiger naar beneden drukt dan gaan de zuigers in de andere twee vaten omhoog. Omgekeerd, als je een zuiger omhoog trekt dan dalen de zuigers in de andere twee vaten. De vraag is wat het betekent als je een zuiger omhoog of omlaag beweegt (zie tekening).



  • Bij het vat Diafragma betekent omhoog een groter diafragma (meer licht doorlaten) en omlaag een kleiner diafragma.
  • Bij het vat Sluitertijd betekent omlaag een kortere sluitertijd en omhoog een langere sluitertijd. 
  • Bij het vat ISO-waarde betekent omlaag een lagere ISO-waarde en omhoog een grotere.
Nu een paar voorbeelden. Als je de lens meer opent (een groter diafragma) — de diafragma-zuiger omhoog trekt — dan gaan de sluitertijd-zuiger en de ISO-zuiger omlaag. Oftewel, een kortere sluitertijd en lagere ISO-waarde. 

Een ander voorbeeld: als je voor een kortere sluitertijd kiest (Sluitertijd-zuiger omlaag), dan gaan de Diafragma-zuiger en de ISO-zuiger omhoog.

Je kunt natuurlijk ook twee zuigers instellen en dan volgt de derde van zelf.  Bijvoorbeeld, Diafragma-zuiger omlaag (kleiner diafragma) en Sluitertijd-zuiger ook omlaag (kortere sluitertijd) dan gaat de ISO-zuiger van zelf omhoog (hogere ISO-waarde). 

Let op! Je vraagt je je misschien af wat dit met belichting te maken heeft. De hoeveelheid water in de opstelling is gelijk aan de hoeveelheid licht dat op de beeldsensor valt. Je kunt zelf kiezen hoeveel water je er in doet. De communicerende vaten zorgen er voor dat de hoeveelheid licht altijd hetzelfde blijft ongeacht de stand van de zuigers! Je kunt precies hetzelfde doen met meer of minder water, om andere combinaties van Diafragma, Sluitertijd en ISO-waarde te bekijken. Als je er te veel water in doet dan heb je overbelichting en bij te weinig water onderbelichting.

De opstelling is nog realistischer te maken door niet toe te staan dat de Sluitertijd-zuiger langere sluitertijd dan 1/60s accepteert door daar een blokkade voor de zuiger te plaatsen. Hetzelfde kun je doen voor de ISO-zuiger niet onder de 100 kan komen.

Het voordeel van de communicerende vaten uitleg van belichting is dat de samenhang tussen diafragma, sluitertijd en ISO-waarde tastbaar is.

In een volgende blog over “Wat is het voordeel van zelf mijn camera instellen” leg ik wat wat de consequenties zijn van het aanpassen van diafragma, sluitertijd en ISO-waarde.




28 augustus 2023

Agapanthus

De Agapanthus heeft een mooie bloem om te fotograferen. Eigenlijk is het een tros van bloemen. Elke bloem heeft lange blauwe bloembladeren en de gele meeldraden en de stamper steken daar mooi bij af.

Eerst had ik de Agapanthus plantjes in potjes in de tuin gezet zodat ik ze eruit kon halen om in de garage te overwinteren. In het voorjaar heb ik besloten de plantjes gezamenlijk in een pot te zetten en als kuipplant te behandelen. 

Hier naast de tros van bloemen van bovenaf gefotografeerd met een macrolens (Nikon AF-S 105mm f/2.8G). Om meer knoppen scherp te krijgen moest ik de lens behoorlijk dicht knijpen (f/16). De sluitertijd stond op 1/60sec, gevolg was dat de ISO-waarde omhoog ging: 2200. Is trouwens met de huidige camera’s totaal geen probleem.

Hier een bloem die al helemaal is uitgekomen. Ik heb scherp gesteld op de gele meeldraden omdat die zo opvallen. Om alle meeldraden min of meer scherp te krijgen gebruikte ik diafragma f/11. Met de sluitertijd op 1/60sec resulteerde dat in een ISO-waarde van 400. 

Het is ook leuk om met de scherptediepte te spelen. Hier werk ik met diafragma f/4.5. Je ziet dat maar één van de meeldraden scherp is. Door deze geringe scherptediepte worden de foto’s bijna artistiek en laten veel aan de verbeelding van de kijker over. 


Het puur registreren is een mooie eerste stap, er iets artistieks van maken is een uitdaging.


Zie ook peter.apers.nl